‘Ik heb ongelofelijk veel in mijn rugzak kunnen stoppen’

Interview Erwin Roefs, 3e jaars student

Erwin Roefs ontwikkelde zich tijdens de opleiding als professional én als mens. Als behandelaar krijgt hij dingen voor elkaar die hij eerder niet mogelijk had geacht.

Erwin Roefs (46). Vooropleiding: B-opleiding voor psychiatrisch verpleegkundige, kaderopleiding gezondheidszorg en coachingsopleiding VDO-HAN. Werkervaring: werkte als assistent centrum manager en psychiatrisch verpleegkundig binnen verschillende onderdelen van GGz Eindhoven en vier jaar als meewerkend teamleider verstandelijke gehandicaptenzorg.

Erwin Roefs heeft zijn diploma twee weken op zak. De eerste euforie is eraf. Wat overblijft is het gevoel van opluchting. En van gemis. De gezamenlijke lunch, de paaseieren, het praatje met het secretariaat of met de directeur. Ook mist hij de topdocenten. ‘Het zijn ‘hotshots’ in de zorg; met expertise, projecten in buitenland, én een gigantisch netwerk.’

foto;Inge Hondebrink
foto;Inge Hondebrink

Rob van Vredendaal, 2e jaars student

‘Je krijgt echt een ander beroep’

Lees meer

Hij zou bijna vergeten dat het een lange weg is geweest. Het kostte hem vijf jaar om te komen waar hij nu is, terwijl de opleiding drie jaar duurt. De aanloop was langer omdat hij een managementfunctie had. ‘Ik wilde terug naar de patiëntenzorg, maar ik wilde ook verantwoordelijkheid. Dat gaat niet zomaar.’

Erwin bereidt zich gedegen voor op de opleiding. Als niet hbo-verpleegkundige moet hij een assessment doen en hij werkt aan zijn Engels. Driekwart jaar voor de start van de opleiding legt hij zijn managementtaken neer om vlieguren te maken in de praktijk.

 

Wat is het grootste verschil met drie jaar geleden?
‘Als professional heb ik ongelofelijk veel in mijn rugzak kunnen stoppen. Maar de grote winst zit in de ontwikkeling die ik als mens heb doorgemaakt. Het voordeel van deze opleiding is dat er een uitgebreid traject van intervisie en supervisie aan is verbonden. Ik had nogal wat blokkades. Als ik die niet had aangepakt, had ik de opleiding niet kunnen afronden.’

Wat voor blokkades?
‘Als manager nam ik structureel te veel hooi op mijn vork. Ik was altijd met werk bezig, sliep slecht. In het eerste jaar van de opleiding werd het me ook te veel. Toen ik dat met de intervisiegroep besprak, vroegen ze door. Het bleek dat ik veel doe om anderen te pleasen. Terwijl ik dacht dat ik het voor mezelf deed.’

 

Wat heb je veranderd?

‘Ik heb geleerd kritisch te zijn en mezelf te bevragen: Wie stelt deze vraag? Wil ik hier iets mee? Past het bij mijn doelen of doe ik het voor anderen? Het is een nieuw werkproces geworden wat ik dagelijks gebruik. Het heeft me door de opleiding heen geholpen. De studie en het werk zaten in mijn hoofd, maar ik kon het opzij zetten. Ik heb nog nooit zo goed geslapen als de afgelopen drie jaar.’

 

Wat ben je als professional wijzer geworden?

‘Wat ik heb geleerd is het proces van klinisch redeneren; een behandeling initiëren, uitvoeren én evalueren. En ik heb geleerd om breed te kijken om tot een diagnose te komen. Ik kijk zowel naar somatische als psychische klachten als naar het netwerk van de cliënt. Ik deed altijd al diagnostiek en behandelingen, maar nu pas ik het bewuster toe en realiseer ik me dat je moet nadenken over de diagnostische instrumenten die je toepast. Ik heb me ontwikkeld tot een betrokken behandelaar die dichtbij de cliënt staat én afstand kan houden. Op die manier krijg ik dingen voor elkaar.’

 

Geef eens een voorbeeld?

‘Voor de afsluitende meesterproef heb ik een jongen behandeld die 19 jaar op het terrein van de instelling woonde. Ik heb gezocht naar een diagnostische methode om samen met hem uit te vinden wat er aan de hand was en hoe hij geholpen kon worden. Ik koos voor de Yucel-methode waarbij je met de cliënt werkt aan zijn herstel. Al gauw bleek dat allerlei trauma’s zijn herstel in de weg stonden en dat er geen verbetering optrad omdat hij op het terrein woonde waar drugsgebruikers en -dealers samenscholen. Ik heb traumabehandeling opgestart, we hebben zijn drugsprobleem aangepakt en hij is van het terrein afgegaan en beschermd gaan wonen. Vervolgens hebben we een model ontwikkeld om cliënten die uitstromen te volgen. Die jongen zie ik nog steeds. Hij woont in hetzelfde appartement en heeft niet meer gebruikt.’

 

Had je dit drie jaar geleden ook gekund?

‘Ik had de tools, de vaardigheden en de kennis niet om het proces van klinisch redeneren vorm te geven. En ik had onvoldoende inhoudelijke bagage om kritisch te durven zijn. Om de behandeling te kunnen doen, ben ik dwars tegen zeer ervaren collega’s ingegaan. Ze lieten me omdat ik het kon onderbouwen. Dat had ik drie jaar geleden niet gekund.’

 

Wat vond je het zwaarste moment van de opleiding?

‘De eerste twee maanden op een nieuwe werkplek. Aan het einde van een jaar heb je het gevoel dat je iets beheerst en dan word je volledig uit je comfortzone getrokken. Ik heb dat drie keer meegemaakt en drie keer sloeg de paniek toe.’

 

Je hebt de opleiding afgerond. En nu?

‘Ik krijg de ene aanbieding na de andere. Maar ik heb besloten om voorlopig op dezelfde plek te blijven als het laatste jaar. Ik heb er wel een baan bij voor één dag in de week, ik werk daar met een andere patiëntengroep.’

 

Bekijk alle verhalen 

 

 

Over het hoofd gezien!

NIeuwe expo Museum van de Geest online!